Een van de bekendste uit biologisch materiaal te maken brandstoffen is ethanol. Op een gegeven moment zijn de fossiele brandstoffen vrijwel opgebruikt en daardoor zo kostbaar dat ze als energieleverancier niet meer praktisch zijn. Dan zullen er nog wel massa’s brandstofmotoren zijn die liefst nog moeten kunnen blijven draaien (denk bijv. aan het verkeer). Daarvoor is ethanol een mogelijkheid. Dat kan uit diverse planaardige producten worden gemaakt, o.a. maïs, suikerriet en hout. Bij maïs ligt het omzettingsrendement op ongeveer 1,3 (dat betekent dat er 30 % meer energie uit kan worden gehaald dan er voor dat omzettingsproces nodig is). Maar bij suikerriet is het al 8 (dus daar komt zeven maal meer energie uit dan erin gaat). In Brazilië, een land dat liefst op zoveel mogelijk gebieden onafhankelijk wil zijn, wordt al veel op ethanol uit suikerriet gereden. In veel andere landen is ethanol inmiddels een bijmengproduct in benzines. Het is geen nieuw gegeven, maar in de praktijk is bewezen dat ethanol gemaakt uit cellulose het beste rendement kan geven, tot liefst tien maal meer dan er aan energie voor het proces nodig is. Dat is pas echt interessant. Bovendien concurreert ethanol uit cellulose niet met de productie van voedingsgewassen. Het kan uit hout worden gemaakt en bijvoorbeeld ook uit gras. Er zijn diverse systemen voor. In de USA gebeurt het via een vrij duur proces waarbij vijf tot zes verschillende enzymen nodig zijn. Dat hoeft bij maïs en suikerriet niet, waardoor de productie van ethanol uit die grondstoffen maar de helft kost. Dat er economische druk wordt uitgeoefend om andere technieken weinig kans te bieden, bewijst het feit dat een Choren-bedrijf in Duitsland (Freiberg) waar een techniek werd ontwikkeld om hout langs thermische weg zeer efficiënt om te zetten in biodiesel, zoveel tegenstand ontmoette dat de gloednieuwe fabriek die daarvoor werd gebouwd, dit jaar zwaar in de financiële problemen kwam. En dat ondanks de samenwerking met Daimler en VW. In de USA wordt en werd al veel ethanol via fermentatie uit maïskorrels gemaakt, maar daar komt de aandacht de laatste jaren ook steeds meer op productie uit cellulose te liggen. Die cellulose komt daar minder uit hout (omdat bomen nu eenmaal langzaam groeien) dan uit het snelgroeiende Switch Grass (Panicum virgatum), een razendsnel groeiend soort prairiegras, dat als ideaal wordt gezien. De technologie daarvoor komt van een dochteronderneming van Shell, het bedrijf Iogen uit Canada. Het werkt met een genetisch gemanipuleerde schimmel die grote hoeveelheden enzymen produceert waarmee glucose in suiker wordt omgezet. Uit die suiker wordt via fermentatie weer ethanol gemaakt.