Nederlands grootste en mooiste tuinideeënpark

Paddenstoelen in het gazon

Wat kun je doen tegen paddenstoelen in het gazon? Ontbreekt er iets aan meststoffen of iets dergelijks?

Paddenstoelen, of beter gezegd zwammen, houden van lekkere, voedselrijke grond, dus aan een tekort aan meststoffen zal het niet liggen. De meeste soorten groeien daarbij op organisch restmateriaal.
Meer over paddenstoelen en zwammen, hoe ze groeien, of ze schadelijk zijn en wat er eventueel tegen gedaan kan worden kunt u lezen in de onderstaande tekst.
De tekst kunt u ook in de opgemaakte versie downloaden of printen. Open daartoe een nieuwe internetpagina. Kopieer de volgende link naar het browserveld (waar u normaal het internetadres intypt): www.mwiarda.nl/appeltern.htm en klik daarna op enter.

Paddenstoelen en zwammen

Algemeen

Paddenstoelen kunnen in de tuin op verschillende plekken opduiken, en ook verschillende verschijningsvormen hebben. Het zijn feitelijk schimmels, en ze worden onderverdeeld in 3 groepen: symbionten, die in harmonie samenleven met hun gastheer, saprofyten, die leven op dood hout en plantenresten en parasieten, die voedsel onttrekken aan hun gastheer. Het bovengrondse of zichtbare deel wordt paddenstoel genoemd. Het geheel van bovengrondse delen en &#145wortels&#146 heet zwam. In Nederland komen ongeveer 3500 soorten paddenstoelen voor.

Symbionten

De symbionten zijn myccorhizazwammen die vaak tussen de wortels van bepaalde bomen of heesters voorkomen. Ze produceren stoffen, of zetten organisch materiaal om waar zowel de planten als de zwammen van profiteren. Voorbeelden hiervan zijn eekhoorntjesbrood (bij sparren, en soms bij eiken en beuken), vliegenzwam (bij berken en dennen), de gewone fopzwam (bij berken, eiken en naaldbomen) en de berkenboleet. Aangezien alle partijen voordeel bij deze samenwerking hebben, en deze paddenstoelen zeldzaam aan het worden zijn, worden ze het beste met rust gelaten.

Saprofyten

De meest voorkomende zwammen in tuinen zijn saprofyten. Ze komen vaak voor op dood hout, of op plekken waar zich dood hout of ander rottend materiaal in de grond bevindt. Daarnaast komen ze bij voorkeur voor op vruchtbare grond, en start hun groei bij vochtige omstandigheden en lagere temperaturen. Deze zwammen zijn over het algemeen meer nuttig dan schadelijk. Ze spelen een belangrijke rol in de natuur door hun bijdrage aan de vertering van organisch materiaal. Over het algemeen brengen ze geen schade toe aan de eromheen staande beplanting of het gazon. De meeste zijn niet giftig.
Deze zwammen komen vaak jaarlijks op dezelfde plek terug. De oorzaak is meestal eenvoudig: daar zit het voedsel, met daar omheen vaak nog het mycelium van het jaar daarvoor. Doorgaans breiden ze zich niet sterk uit. Worden ze toch lastig, dan is de bestrijding tamelijk eenvoudig. Door de hoed van de paddestoel te verwijderen voordat hij rijp is, wordt voorkomen dat zich opnieuw miljoenen sporangiën verspreiden. Staan ze in het gazon, dan kunnen ze gewoon meegemaaid worden. Wel is het dan verstandig het maaisel af te ruimen en de maairesten dan niet op de composthoop te deponeren. Na het maaien de maaimachine en ander gebruikt gereedschap ontsmetten (bijvoorbeeld met wat bleekwater) voorkomt verdere verspreiding van sporangiën. Ook kan de plek waar de zwam staat ontgraven worden. De zwam vormt een &#145wortelstelsel&#146 van kleine (vaak witte) draadjes, de zwamvlok of mycelium genoemd. De grond waar deze draden zich in bevinden moet afgevoerd worden, evenals de daarin voorkomende houtresten. Daarna kan weer aanvulling plaatsvinden met schone grond. Vaak zal in een straal van 40 tot 50 cm rond de zwam, en tot op een diepte van 50 tot 90 cm ontgraven moeten worden. Chemische bestrijding met schimmeldodende middelen heeft meestal geen effect.
Soms ontstaan heksenkringen. Die ontstaan door uitbreiding van het mycelium van een enkele zwam, dat zich in de loop der jaren ringvormig naar buiten uitbreidt. Heksenkringen kunnen goed zichtbaar zijn doordat er paddestoelen in een kring staan. Maar ook doordat zich in het gazon een ring vormt waar het gras harder groeit dan elders in het gazon. Door de activiteit van het mycelium komt extra stikstof vrij, waar het gras in eerste instantie van profiteert. Soms gaat het gras in die ring dood. Niet alleen omdat de zwammen een giftige stof (waterstofcyanide) afscheiden, maar ook omdat het mycelium zich soms zo dicht &#145vertakt&#146 heeft dat de graswortels geen voedsel, water of zelfs ruimte meer kunnen vinden om te groeien. Uiteindelijk komt ook het mycelium voedsel te kort, en breidt het zich naar buiten toe uit.
Gazons die regelmatig besproeid en bemest worden zouden minder vatbaar zijn voor het ontstaan van heksenkringen dan gazons waar onregelmatiger bemest wordt. Een goede beluchting van de bovengrond, het verwijderen van de viltlaag, minder stikstofbemesting en na het midden van de zomer stoppen met bemesten en slechts matig sproeien helpen verder om de groeiomstandigheden voor zwammen minder aantrekkelijk te maken.
Een heksenkring die zichtbaar is door de grotere groeisnelheid van het gras kan gecamoufleerd worden door binnen en buiten de heksenkring (vooral niet erin) als vanaf het voorjaar iets extra te bemesten. Het gaat daardoor ook wat harder groeien, maar daarnaast krijgt het een wat betere conditie en weerstand, zodat het een eventuele &#145aanval&#146 van het zich later uitbreidende mycelium wat beter kan doorstaan. Zijn er meerdere heksenkringen, dan blijkt dat ze zich niet vermengen. Van die eigenschap kan gebruik gemaakt worden door zo veel (kleine) heksenkringen in het gazon te maken dat ze vanzelf op elkaar &#145stuk&#146 lopen, en afsterven.
Dreigt het gras echter dood te gaan, dan kan geprobeerd worden de heksenkring zelf te lijf te gaan.
Flink gieten met een toevoeging van ijzersulfaat zou soms helpen. IJzersulfaat is aan sommige gazonmeststoffen toegevoegd als mosdoder, en kan in principe ook tegen zwammen helpen. Maar aangezien de zwammen vooral van voedselrijke omstandigheden houden helpt de meststof de zwammen in dit geval juist weer aan de groei. Beter is het dan een mosdoder te gebruiken waar geen meststof bij zit, zoals Park Mosbestrijder (Barenbrug). Pas daarbij wel op bij gebruik in de buurt van verhardingen: ijzersulfaat kan (roest)vlekken veroorzaken. En nogmaals, het effect is omstreden. Nog meer huismiddeltjes om uit te proberen, zonder dat succes beloofd wordt:
- volkoren meel over het gazon strooien (4 kg per 1000 m2);
- de heksenkring afdekken met verse rabarberbladeren (2 weken volhouden en regelmatig verversen);
- gaten maken op 30 cm afstand binnen en buiten de ring, circa 25 cm diep, en hierin wekelijks een met water verdund mengsel gieten van afwasmiddel, babyshampoo en listerine (mondwater). Als niets helpt zit er weinig anders op dan de hele ring te ontgraven (40 tot 50 cm binnen en buiten de kring en 20 tot 90 cm diep, afhankelijk van de aanwezigheid van de myceliumdraden). De uitkomende grond moet dan afgevoerd worden, waarna nieuwe schone grond voor de opvulling gebruikt wordt.

Parasieten

Een nog vervelender verschijning zijn de parasieten, waarvan er in Nederland ongeveer 100 soorten voorkomen. Deze zwammen vestigen zich op de stammen van bomen en heesters die oud of door een andere oorzaak in een minder goede conditie zijn. In de stam of rond de wortelhals bevinden zich al holtes of rottende plekjes, waar de zwammen zich kunnen nestelen. Ze vormen daar hun zwamvlok, ook in het nog levende hout, dat daardoor verder verzwakt wordt. Voorbeelden hiervan zijn de echte tonderzwam, de berkenzwam en dennenmoorder. De boomgaardzwam komt vooral voor op fruitbomen. Meestal vormt dit het begin van het einde voor de boom. Worden dergelijke zwammen aangetroffen op een waardevolle boom, dan kan een boomverzorger of boomchirurg de conditie van de boom soms nog wat verbeteren, waardoor hij de aanval van de zwam wat langer overleeft. Om de boom (tijdelijk) te redden is dan in ieder geval zo snel mogelijk een deskundige behandeling nodig.